![]() |
|
DGT Chess 960
|
Chess960, ook wel bekend als Fischer Random Chess is bedacht door de 11e en misschien wel meest legendarische wereldkampioen Bobby Fischer die op 17 januari 2008 overleed. Het is een sterk verbeterde versie van het shuffle schaak. Met zijn schaakvariant Chess960 wilde Fischer vooral creativiteit en talent op de voorgrond plaatsen en het belang van uit het hoofd te leren openingsvarianten uitschakelen.
Is een goede schaker iemand die veel openingskennis heeft? Welnee, het is ongetwijfeld voor een klein groepje spelers leuk om 25 zetten van een buitengewoon lastige Siciliaanse variant te kennen, maar het is niet zo leuk om het voordeeltje dan in het eindspel niet te kunnen verzilveren omdat inzicht, creativiteit en pure schaakkennis ontbreekt. Iemand die Chess960 speelt kan zijn algemene schaakkennis verbeteren en zal in zijn partijen veel over de dynamiek van de stukken leren.
Door de stukken op de onderste bordrij te "husselen" volgens bepaalde afspraken en de uitkomst spiegelbeeldig op beide bordzijden te plaatsen ontstaan 960 verschillende beginstellingen. De traditionele opstelling zal vanaf nu vooral bekend staan als 518.
De Chess960 is een unieke opvouwbare schaakklok. Met een enkele druk op de knop genereert dit apparaatje een willekeurige beginstelling. Makkelijker kan het niet. Op eenvoudige wijze wordt de nieuwe manier van schaken tot leven gebracht. Iedereen die de spelregels van het schaken kent, zal direct met veel plezier spelen. Je moet het gedaan hebben om te weten hoe leuk het is. Chess960 is de toekomst van het schaken.
Let wel:
Chess960 heeft niet de intentie het klassieke schaakspel te verdringen. Chess960 en het klassieke schaakspel met de bekende opstelling kunnen prima naast elkaar bestaan. Daar de Chess960 regels eenvoudig zijn, kan iedereen deze fascinerende schaakvariant spelen.
Chess960: Basisregels
In Chess960 wordt er gespeeld volgens de normale schaakregels. De stukken staan echter in de beginstelling op een andere plaats dan we gewend zijn bij het klassieke schaak. De pionnen blijven gewoon op de tweede en zevende rij staan. De beginopstelling van de stukken is zoals bij klassiek schaak: de witte op de eerste en de zwarte op de achtste rij. De positie van de stukken wordt echter "random" bepaald, waarbij we op een paar kleine regels moeten letten:
- de witte en zwarte stukken staan gespiegeld tegenover elkaar;
- elke speler heeft één witveldige en één zwartveldige loper;
- de koning staat altijd tussen de torens, om te kunnen rokeren.
Uitgebreide spelregels kun je vinden op de site van DGT Projects